Algemeen
Coachen is die stijl van begeleiden waardoor anderen uit zichzelf in beweging komen. Een coach richt zich op het bevorderen van de ontwikkeling van medewerkers zodat resultaten geboekt worden en zingeving wordt ervaren tijdens het werkproces.
Coaching is geen doel op zich. Het is een middel dat wordt ingezet om de beroepskracht of het team in staat te stellen om te leren over het eigen werk of de samenwerking. Ook is coaching bedoeld om de ander(en) te bewegen zich te verbinden met het resultaat van het (eigen) werk: welk resultaat is nodig, wat wil ik en wat kan ik?!
Door coaching zijn mensen in staat het beste uit zichzelf vrij te maken, waarbij coaching een faciliterende functie heeft. Het is van belang, dat er zicht komt op datgene wat belemmert in dat gedrag. Meestal 'weten gecoachten wel hoe het moet', maar lukt het niet om dat in praktijk te brengen. De gecoachte(n) leert tijdens het coachingsproces te kijken naar hoe ze zichzelf klem zetten. Bij teams richt de coach zich op de interactie tussen teamleden: hoe houdt het team met deze interactie haar probleem zelf in stand? Welke onderliggende opvattingen en overtuigingen zijn belemmerend in het laten zien van het gewenste gedrag? De gecoachte(n) gaat de patronen herkennen, die ze zelf in stand houdt. De coaching is erop gericht in de praktijk te oefenen met ander, vernieuwd gedrag en het effect daarvan te bespreken.